Het beëindigen van een overeenkomst is juridisch vaak minder eenvoudig dan het lijkt. In de praktijk bestaan verschillende manieren om een contract te beëindigen, elk met eigen voorwaarden en rechtsgevolgen. Wie de verkeerde route kiest of onzorgvuldig handelt, loopt het risico op aansprakelijkheid of een overeenkomst die toch blijft doorlopen.
Ondernemers kunnen niet alle risico’s uitsluiten. Wel biedt het contractenrecht effectieve mogelijkheden om aansprakelijkheid te beperken, bijvoorbeeld met een exoneratieclausule. Een dergelijke clausule kan grote financiële gevolgen voorkomen, maar moet zorgvuldig worden opgesteld. De toelaatbaarheid en effectiviteit hangen sterk af van de context van de overeenkomst en de wijze waarop de clausule is geformuleerd.
Het kabinet heeft op 1 april 2026 een internetconsultatie geopend voor het wetsvoorstel Wet fiscale stimulering startups en scale-ups. Met twee fiscale maatregelen wil het kabinet de onrust wegnemen die begin dit jaar ontstond na de stemming in de Tweede Kamer over de nieuwe box 3-wetgeving. In dit artikel bespreek ik de hoofdlijnen van het voorstel, de kritiek vanuit de sector en de praktische gevolgen voor ondernemers, aandeelhouders en investeerders.
Het gebruik van één set algemene voorwaarden voor alle contracten lijkt efficiënt, maar is juridisch vaak onverstandig. De ruimte die u in zakelijke relaties (B2B) heeft, is namelijk veel groter dan in overeenkomsten met een consument (B2C). Wat u in een zakelijke relatie nog relatief vrij kunt regelen, kan in een consumentenrelatie niet alleen onhoudbaar blijken, maar er ook toe leiden dat belangrijke bepalingen buiten toepassing blijven.
AI schrijft sneller dan welke jurist ook, maar begrijpt geen woord van wat het produceert. Dat is geen toekomstscenario, het is de realiteit van vandaag. Terwijl AI-systemen in hoog tempo taken overnemen die tot voor kort exclusief aan juristen waren voorbehouden, rijst de vraag of ons juridisch kader daarvoor is toegerust. De Haviltex-maatstaf, al ruim veertig jaar het fundament voor de uitleg van overeenkomsten in Nederland, gaat uit van één veronderstelling: er zit een mens achter de overeenkomst. In dit artikel onderzoekt mr. V.J.W. ten Cate wat er gebeurt wanneer die veronderstelling niet langer opgaat, en wat dat betekent voor de overnamepraktijk.
De EU scherpt het consumentenrecht verder aan. De nieuwe regels maken het voor consumenten eenvoudiger om online gesloten overeenkomsten voor producten en diensten te ontbinden. Vanaf 19 juni 2026 moeten handelaren een duidelijke en continu beschikbare herroepingsfunctie (voor producten) of stopfunctie (voor diensten) opnemen in hun webshop of digitale omgeving. In Nederland wordt deze verplichting vastgelegd in artikel 6:230oa BW en dit heeft directe gevolgen voor de inrichting van uw website of applicatie.