Productaansprakelijkheid gaat over de aansprakelijkheid voor schade die een gebrekkig product veroorzaakt. De regeling beschermt natuurlijke personen die door een gebrekkig product schade lijden. De gevolgen zijn echter ook relevant voor ondernemingen die betrokken zijn bij de ontwikkeling, productie en verhandeling van producten. De huidige regels zijn echter opgesteld in een tijd waarin producten en productketens er anders uitzagen dan tegenwoordig. Digitalisering en mondialisering hebben ertoe geleid dat producten steeds vaker software bevatten, na verkoop digitaal worden bijgewerkt en onderdeel uitmaken van internationale distributieketens. Ook worden steeds meer producten rechtstreeks van buiten de EU ingevoerd of via onlineplatforms aangeboden. De bestaande regels sluiten daardoor niet altijd goed aan op de manier waarop producten tegenwoordig worden ontwikkeld, verkocht en gebruikt.
Ondernemers kunnen niet alle risico’s uitsluiten. Wel biedt het contractenrecht effectieve mogelijkheden om aansprakelijkheid te beperken, bijvoorbeeld met een exoneratieclausule. Een dergelijke clausule kan grote financiële gevolgen voorkomen, maar moet zorgvuldig worden opgesteld. De toelaatbaarheid en effectiviteit hangen sterk af van de context van de overeenkomst en de wijze waarop de clausule is geformuleerd.
Een product recall zet de verhoudingen in de keten direct onder spanning. Producten moeten uit de handel, afnemers verwachten onmiddellijke actie en de druk om snel te handelen neemt in korte tijd sterk toe. Tegelijk ontstaat achter de schermen een andere dynamiek. Partijen kijken naar elkaar. Wie neemt de regie? Wie communiceert? En vooral: wie draagt de schade? Die vraag lijkt een juridische kwestie, maar wordt in de praktijk zelden op het moment zelf opgelost. Het antwoord ligt meestal al vast in de contracten tussen partijen. Wie daar vooraf niet scherp over heeft nagedacht, merkt tijdens een recall hoe groot de commerciële en operationele gevolgen kunnen zijn. Een product recall is daarmee niet alleen een incident, maar een test voor de manier waarop de keten contractueel is ingericht.