Ondernemers die internationaal goederen verkopen of inkopen, krijgen al snel te maken met de vraag welk recht op de overeenkomst van toepassing is. Vaak wordt daarvoor in het contract een rechtskeuze opgenomen, bijvoorbeeld dat Nederlands recht van toepassing is. Daarmee is echter niet altijd duidelijk welke regels de rechtsverhouding daadwerkelijk beheersen. Het Weens Koopverdrag, internationaal bekend als de United Nations Convention on Contracts for the International Sale of Goods (CISG), kan namelijk automatisch van toepassing zijn.
Het beëindigen van een overeenkomst is juridisch vaak minder eenvoudig dan het lijkt. In de praktijk bestaan verschillende manieren om een contract te beëindigen, elk met eigen voorwaarden en rechtsgevolgen. Wie de verkeerde route kiest of onzorgvuldig handelt, loopt het risico op aansprakelijkheid of een overeenkomst die toch blijft doorlopen.
Ondernemers kunnen niet alle risico’s uitsluiten. Wel biedt het contractenrecht effectieve mogelijkheden om aansprakelijkheid te beperken, bijvoorbeeld met een exoneratieclausule. Een dergelijke clausule kan grote financiële gevolgen voorkomen, maar moet zorgvuldig worden opgesteld. De toelaatbaarheid en effectiviteit hangen sterk af van de context van de overeenkomst en de wijze waarop de clausule is geformuleerd.
Het gebruik van één set algemene voorwaarden voor alle contracten lijkt efficiënt, maar is juridisch vaak onverstandig. De ruimte die u in zakelijke relaties (B2B) heeft, is namelijk veel groter dan in overeenkomsten met een consument (B2C). Wat u in een zakelijke relatie nog relatief vrij kunt regelen, kan in een consumentenrelatie niet alleen onhoudbaar blijken, maar er ook toe leiden dat belangrijke bepalingen buiten toepassing blijven.
De EU scherpt het consumentenrecht verder aan. De nieuwe regels maken het voor consumenten eenvoudiger om online gesloten overeenkomsten voor producten en diensten te ontbinden. Vanaf 19 juni 2026 moeten handelaren een duidelijke en continu beschikbare herroepingsfunctie (voor producten) of stopfunctie (voor diensten) opnemen in hun webshop of digitale omgeving. In Nederland wordt deze verplichting vastgelegd in artikel 6:230oa BW en dit heeft directe gevolgen voor de inrichting van uw website of applicatie.
Een product recall zet de verhoudingen in de keten direct onder spanning. Producten moeten uit de handel, afnemers verwachten onmiddellijke actie en de druk om snel te handelen neemt in korte tijd sterk toe. Tegelijk ontstaat achter de schermen een andere dynamiek. Partijen kijken naar elkaar. Wie neemt de regie? Wie communiceert? En vooral: wie draagt de schade? Die vraag lijkt een juridische kwestie, maar wordt in de praktijk zelden op het moment zelf opgelost. Het antwoord ligt meestal al vast in de contracten tussen partijen. Wie daar vooraf niet scherp over heeft nagedacht, merkt tijdens een recall hoe groot de commerciële en operationele gevolgen kunnen zijn. Een product recall is daarmee niet alleen een incident, maar een test voor de manier waarop de keten contractueel is ingericht.