115 jaar ervaring in de advocatuur

In het erfrecht is de legitieme portie een ‘hot-topic’. Door erfrechtadvocaten wordt met regelmaat in de rechtbank de legitieme portie met een onterfde afstammeling. Doordat er veel geprocedeerd wordt in het erfrecht over de legitieme portie, verschijnen daar relatief veel uitspraken over. In dit artikel kijken we naar een aantal interessante uitspraken over de legitieme portie vanaf 1 januari 2025 tot heden. We kijken in dit artikel naar toerekening van een samenstelling van handelingen die gelijk gesteld worden aan een schenking en een zakelijke deal die al dan niet als gift wordt aangemerkt.

Samenstelling van rechtshandelingen een gift voor de legitieme portie?

De Hoge Raad oordeelde op 21 februari 2025 dat een samenstel van rechtshandelingen een gift kan opleveren die volledig meetelt bij de berekening van de legitieme portie. In de betreffende zaak verkocht een moeder in 1995 haar woning aan haar zoon voor een lage prijs. Zij zette de koopsom om in een renteloze, aflossingsvrije lening en deed in 2005 afstand van haar recht van gebruik en bewoning. Toen zij in 2009 overleed en de zoon als enig erfgenaam achterbleef, stelde de onterfde dochter dat deze transacties gezamenlijk een bevoordeling vormden.

De rechtbank volgde haar redenering en rekende een aanzienlijk bedrag tot de legitimaire massa. Het gerechtshof Den Haag oordeelde anders en vond geen gift, omdat de verkoopprijs volgens het hof op een taxatie berustte en omdat de moeder formeel nog een vordering op de zoon had. Het hof beperkte de legitieme portie tot circa 65689 euro.

De Hoge Raad vernietigde dat oordeel. De Hoge Raad benadrukte dat een gift kan schuilen in meerdere op elkaar afgestemde handelingen. De dochter stelde dat de verkoop onder waarde, de renteloze lening en de latere kwijtscheldingsconstructie één geheel vormden. Het hof had die samenhang onvoldoende onderzocht. De zaak gaat daarom terug naar het gerechtshof Amsterdam voor een nieuwe beoordeling.

Deze uitspraak maakt duidelijk dat de rechter door constructies heen kijkt. Als een erflater feitelijk vermogen overhevelt door een combinatie van gunstige voorwaarden, moet de rechter dat geheel in de legitimaire massa betrekken. Voor de praktijk betekent dit dat familiaire transacties, zoals verkoop van onroerend goed binnen de familie, zorgvuldig moeten worden gedocumenteerd. Zodra een kind in feite minder betaalt dan de werkelijke waarde, ontstaat het risico dat de rechter dit later als gift aanmerkt. Meer lezen over giften? In ons artikel over de invloed van giften op de legitieme portie gaan we verder in op dit onderwerp.

Zit u in een vergelijkbare situatie en wenst u ondersteuning? Neem vrijblijvend contact op met een van onze erfrechtadvocaten.

Bel nu 076 513 6136

Toetreding tot een vof een gift voor de legitieme portie?

De Hoge Raad nuanceerde op 21 maart 2025 het uitgangspunt met betrekking tot zakelijke handelingen die in eerste opzicht als een schenking kunnen uitzien. In deze zaak bracht een moeder landbouwgrond in een vof met haar zoon, die de melkveehouderij dreef. De vof-akte gaf de zoon het recht om haar aandeel na haar overlijden tegen een gunstige waardering over te nemen. De moeder benoemde hem tot enig erfgenaam. De andere (onterfde) zoon stelde dat de inbreng én het overnamebeding een schenking vormden.

Het gerechtshof Den Haag volgde de legitimaris. Het hof kwalificeerde de inbreng als gift en het overnamebeding als quasi-legaat en verklaarde dat beding nietig, omdat het niet notarieel was vastgelegd. Daardoor verhoogde het hof de legitimaire massa fors.

De Hoge Raad vernietigde dat oordeel. Hij stelde dat het hof essentiële omstandigheden niet had meegewogen. De moeder verpachtte de grond al aan de vof en de afspraken pasten mogelijk binnen een zakelijke bedrijfsopvolging. Ook de fiscale context had het hof ten onrechte buiten beschouwing gelaten. De Hoge Raad vond dat het hof te snel concludeerde dat sprake was van een gift of quasi-legaat en wees op rekenfouten. Het gerechtshof Amsterdam moet de zaak opnieuw beoordelen.

Deze uitspraak laat zien dat zakelijke familierelaties niet automatisch als bevoordeling gelden. Als ouder en kind reële wederzijdse voordelen overeenkomen binnen een zakelijke structuur, hoeft dit geen gift te zijn. Voor familiebedrijven geldt daarom dat een goede vastlegging van waarderingen en motieven essentieel is.

Conclusie

De Hoge Raad heeft begin 2025 verduidelijkt wanneer familieafspraken als gift meetellen voor de legitieme portie. In een zaak over een verkoop onder waarde, een renteloze lening en later prijsgegeven gebruiksrechten moest het hof opnieuw beoordelen of deze handelingen samen een bevoordeling vormden. In een andere zaak over inbreng van landbouwgrond in een vof benadrukte de Hoge Raad dat zakelijke context en wederkerige voordelen zwaarder moeten wegen voordat van een gift kan worden gesproken. De rode draad is dat de rechter kijkt naar de werkelijke economische strekking van afspraken binnen families en niet alleen naar de vorm.

Heeft u vragen over uw positie als executeur, vereffenaar, erfgenaam, legitimaris of schuldeiser? Of heeft u een professionele vereffenaar nodig om de nalatenschap afgewikkeld te krijgen? Neem dan contact op met onze ervaren advocaten in het erfrecht en professionele vereffenaar voor deskundig advies en begeleiding. Meer lezen? Lees ons artikel uit onze vereffeningsreeks over wanneer de vereffening verplicht is.