Hieronder worden de belangrijkste wijzigingen toegelicht.
De RVV 2026 bevat in artikel 8 lid 1 een expliciet verbod op reclame die is gericht op kinderen jonger dan 13 jaar. Daarmee is de leeftijdsgrens verhoogd ten opzichte van de eerdere grens van 7 jaar. Zodra een reclame-uiting gericht is op kinderen, is zij niet toegestaan. Het product of het gebruikte medium speelt daarbij geen rol. Artikel 8 lid 3 maakt duidelijk dat deze bepaling eveneens van toepassing is op streamingdiensten. Daarnaast breidt de RVV 2026 het toepassingsbereik uit door naast televisie- en radioprogramma’s ook films en games expliciet te noemen.
In de praktijk betekent dit dat ondernemingen hun campagnes kritisch moeten beoordelen op doelgroepbenadering. Niet alleen expliciete kinderreclame valt hieronder, maar ook uitingen die door vormgeving, taalgebruik, animaties of kanaalkeuze feitelijk op jonge kinderen zijn gericht. Denk aan online content op kinderplatforms of socialmediacampagnes met een duidelijk jong publiek. Een praktische stap is om vooraf vast te leggen welke leeftijdsgroep wordt beoogd en dit ook te kunnen onderbouwen, bijvoorbeeld met mediadata of doelgroepanalyses.
Voor jongeren van 13 tot 16 jaar hanteert de RVV geen absoluut reclameverbod, maar een strikte toets. Onder de eerdere RVV was de specifieke bescherming van toepassing op jongeren van 7 tot en met 12 jaar. Voor de leeftijdsgroep van jongeren mogen alleen producten die voldoen aan de voedingskundige criteria en/of die voldoen aan alle vereisten uit de Claimsverordening voor de drie voedingsclaims ‘suikerarm’, ‘vetarm’ en ‘zoutarm’, worden gepromoot.
De voedingskundige criteria, waaronder de maximumwaarden voor calorieën, natrium, verzadigd vet en suikers, zijn verder aangescherpt. De RVV ontleent de voedingskundige criteria aan de EU-Pledge. Deze criteria zijn op hun beurt gebaseerd op de voedingsrichtsnoeren van de European Food Safety Authority (EFSA). Door deze criteria laat de RVV slechts een beperkter aantal productgroepen toe voor reclame gericht op kinderen en jongeren.
Voor ondernemingen betekent dit dat zij per product concreet moeten vaststellen of reclame richting jongeren van 13 tot 16 jaar nog is toegestaan. Een interne producttoets aan de toepasselijke voedingskundige criteria is daarbij essentieel, evenals het vastleggen van de uitkomst daarvan. Zonder een dergelijke onderbouwing bestaat het risico dat campagnes worden ingezet voor producten die onder de RVV 2026 niet langer mogen worden gepromoot.
Op grond van artikel 5 RVV 2026 zijn de voedingskundige criteria ook van toepassing op maaltijden die worden getoond in reclames gericht op kinderen. Wanneer in een reclame gericht op kinderen een maaltijd wordt afgebeeld, worden de daarin getoonde voedingsmiddelen geacht onderdeel te zijn van de reclameboodschap. Als (een onderdeel van) die maaltijd niet voldoet aan de voedingskundige criteria, kan de reclame alsnog in strijd zijn met de RVV 2026, ook als het hoofdproduct op zichzelf wel toelaatbaar zou zijn.
Wanneer een reclame-uiting niet is gericht op kinderen, geldt dat een afgebeelde maaltijd zo veel mogelijk als een volwaardige maaltijd moet worden gepresenteerd. Deze dient in ieder geval te bestaan uit een eiwitcomponent, een zetmeelcomponent en een portie groenten en/of fruit.
Het gebruik van kinder- en jongerenidolen is in artikel 8 lid 2 van de RVV 2026 verder ingeperkt. Een kinder- en/of jongerenidool wordt in de RVV 2026 gedefinieerd als personen, inclusief influencers, alsook getekende en/of animatiefiguren die bekend zijn door hun deelname aan speciaal op kinderen en/of jongeren gerichte (sociale) media. Daarbij gaat het onder meer om televisieprogramma’s, films, online video’s, blogs, stripverhalen/-boeken en/of games. Figuren die door of namens de adverteerder zelf zijn ontwikkeld, vallen buiten deze definitie.
Voor kinderen tot 13 jaar is het inzetten van dergelijke figuren volledig verboden. Dit verbod geldt ook voor verpakkingen en point-of-sale materiaal. Voor jongeren van 13 tot 16 jaar is dit alleen toegestaan indien het product voldoet aan de voedingskundige criteria en/of het Voedingsmiddel cumulatief voldoet aan de vereisten van de voedingsclaims ‘suikerarm’, ‘vetarm’ én ‘zoutarm’.
In de praktijk vraagt dit om een zorgvuldige beoordeling van samenwerkingen met influencers, bekende personen en visuele karakters. Ondernemingen doen er goed aan om vooraf te analyseren of een influencer of personage onder deze definitie valt en voor welke leeftijdsgroep deze aantrekkelijk is.
Artikel 9 bevat al een verbod op reclame voor voedingsmiddelen op locaties waar kinderen verblijven of worden opgevangen, zoals peuterspeelzalen, kinderdagverblijven en naschoolse opvang, en op scholen voor basis en voortgezet onderwijs. De RVV 2026 heeft dit verbod uitgebreid met een aanvullende beperking. Reclame voor voedingsmiddelen die niet voldoen aan de voedingskundige criteria is voortaan ook verboden op posters en billboards die zichtbaar zijn vanaf deze locaties.
De locatie waar reclame wordt geplaatst, is daarmee een zelfstandige juridische factor geworden. Dit vraagt in de praktijk om een locatiegerichte compliance-aanpak, met name bij buitenreclame.
De gewijzigde RVV verplicht adverteerders om nieuwe reclame-uitingen vanaf 1 februari 2026 direct aan de regels te laten voldoen. Voor lopende reclame-uitingen en bestaande media-jaarcontracten geldt een overgangstermijn tot 1 februari 2027 en/of totdat bestaande contracten zijn verlopen. Dit biedt ondernemingen enige tijd om bestaande campagnes af te bouwen of aan te passen, maar vereist wel tijdige actie.
De RVV 2026 scherpt de regels voor voedingsmiddelenreclame op wezenlijke punten aan. Voor ondernemingen betekent dit dat bestaande reclame- en marketingpraktijken opnieuw tegen het licht moeten worden gehouden. Campagnes, producten en samenwerkingen die onder de eerdere RVV toelaatbaar waren, kunnen onder de RVV 2026 alsnog problematisch zijn. Tijdige en structurele juridische toetsing helpt om compliant te blijven en om ongewenste aanpassingen, klachtenprocedures of reputatierisico’s te voorkomen.
Heeft u vragen over de toepassing van de gewijzigde Reclamecode Voor Voedingsmiddelen, neem dan contact met ons op.