115 jaar ervaring in de advocatuur

Per 1 januari 2026 treedt een aantal ingrijpende wijzigingen in werking op het terrein van het erfrecht en de erf- en schenkbelasting. Deze wijzigingen volgen voornamelijk uit het Belastingplan 2026 (zie ook ons vorige artikel) en zijn met name van belang voor nabestaanden, executeurs en professionals zoals erfrechtadvocaten en notarissen die nabestaanden en executeurs ondersteunen bij de afwikkeling van de nalatenschap. In dit artikel blikken we kort terug op de belangrijke jurisprudentie van 2025 en de wijzigingen per 1 januari 2026. Hoewel er altijd veel onderwerpen worden bijgeschaafd in het erfrecht, belichten we enkel de meest relevante.

Terugblik erfrecht

Concept-testament

In 2024 werd de deur met betrekking tot het ‘geldig’ verklaren van een concept-testament steeds verder opengezet. Een concept-testament is, in het kort, een testament dat door een notaris voor een erflater al wel in concept is opgemaakt, maar nog niet bij de notaris is gepasseerd omdat erflater voor het passeren van het testament is komen te overlijden. Zowel op 12 februari 2025 als op 25 februari 2025 heeft de rechtbank Gelderland een belangrijke uitspraak gewezen over de geldigheid van een concept-testament. De jurisprudentie laat ook in 2025 weer een consistente lijn zien waar concept-testament geacht wordt de wil van de erflater te zijn. Zodra er omstandigheden zijn die erop duiden dat een concept-testament de uiteindelijke wil van een erflater was, dan wordt de kans steeds groter dat een concept-testament in de plaats komt van het originele testament. Dit is echter zeer afhankelijk van de omstandigheden.

Legitieme portie

Voorts is er veel verschenen in het nieuws over de legitieme portie. In ons artikel gingen wij al in op nieuwsberichten over de “steun onder de bevolking voor de legitieme portie” waar het maar de vraag was of het Nederlandse volk de legitieme portie nog wel een passend aspect vindt in het erfrecht. De legitieme portie vindt zijn oorsprong in de verzorgingsgedachte, waarbij een afstammeling van een erflater niet onverzorgd achter mag blijven doordat de afstammeling onterfd is. Echter, steeds vaker is een legitimaris iemand die geen verzorging nodig heeft, omdat hij of zij al voldoende vermogen hebben. Toch lijkt de Nederlandse bevolking niet van de legitieme portie af te willen en zal er voorlopig geen wijzigingen plaatsvinden in het Burgerlijk Wetboek met betrekking tot de legitieme portie.

Onwaardigheid

Rondom onwaardigheid is de nodige jurisprudentie verschenen. De wet bepaalt dat iemand onwaardig is om te erven van degene die hij om het leven heeft gebracht. De wet stelt daarbij als vereiste dat de erfgenaam onherroepelijk is veroordeeld. De discussie over onwaardigheid ontstond naar aanleiding van een spraakmakende zaak. Een man bracht in 2015 zijn echtgenote om het leven. De strafrechter oordeelde dat de man ten tijde van de moord ontoerekeningsvatbaar was, zodat geen strafrechtelijke veroordeling volgde. Wel legde de rechter hem TBS op. De man maakte vervolgens aanspraak op de volledige nalatenschap van zijn echtgenote, met wie hij sinds 2013 in gemeenschap van goederen was gehuwd. De civiele rechtbank oordeelde dat de man erfgenaam was. Het gerechtshof in 2023 en de Hoge Raad in 2024 volgden dit oordeel echter niet. Zij verklaarden de man onwaardig, waardoor hij niet langer kon erven.

Het kabinet liet daarna in 2025 onderzoeken of aanpassing van artikel 4:3 BW wenselijk is, zodat niemand financieel voordeel kan behalen uit een misdrijf, ongeacht een strafrechtelijke veroordeling. Volgens staatssecretaris Struycken valt niet te voorkomen dat een mogelijk onwaardige erfgenaam zijn onwaardigheid bij de rechter aanvecht. Omdat de Hoge Raad heeft geoordeeld dat het bestaande wettelijke kader ruimte biedt om een dader aan wie uitsluitend TBS is opgelegd de aanspraak op de nalatenschap te ontzeggen, ziet de staatssecretaris geen aanleiding voor een wetswijziging. Op de website van de Hoge Raad kunt u verder de achtergrond van deze zaak lezen.

Philip Vroegrijk, erfrechtadvocaat: Heeft u vragen over een concept-testament, nietigheid van een testament, de legitieme portie of onwaardigheid? Neem contact met een van onze erfrechtadvocaten.

Bel nu 076 513 6136

Wijzigingen erfrecht vanaf 1 januari 2026

Per 1 januari 2026 wijzigen diverse regels binnen het erfrecht en de erf- en schenkbelasting op grond van het Belastingplan 2026. Lees in dit artikel meer over de specifieke punten over dit Belastingplan.

Termijnen

De wetgever verlengt de termijn voor het indienen van de aangifte erfbelasting van acht naar twintig maanden na overlijden. De Belastingdienst berekent de belastingrente pas na afloop van deze termijn, waardoor de druk op nabestaanden afneemt. Deze wijziging geldt voor overlijdens vanaf 1 januari 2026 en vloeit voort uit het Belastingplan 2026 van de Rijksoverheid. De wetgever merkt schenkingen die binnen 180 dagen vóór overlijden zijn gedaan voortaan volledig aan als erfrechtelijke verkrijging. De verkrijger hoeft daardoor geen aangifte schenkbelasting meer te doen en verrekening tussen schenk en erfbelasting vervalt. De Belastingdienst betrekt de verkrijging uitsluitend in de aangifte erfbelasting.

Biologisch kind en indexatie van tariefschijven

Daarnaast wijzigt de wetgever de fiscale positie van biologische kinderen. Voor de erf en schenkbelasting stelt hij biologische kinderen gelijk aan juridische kinderen. Zij hebben recht op dezelfde vrijstellingen en tarieven, mits zij de biologische band aantonen, bijvoorbeeld met een DNA test. Civielrechtelijk kunnen zij alleen erven wanneer zij in een testament zijn opgenomen. Verder beperkt de wetgever belastingontwijking bij een ongelijke vermogensverdeling tussen partners. Voor de erfbelasting gaat hij ervan uit dat de langstlevende partner 50 procent van het gemeenschapsvermogen verkrijgt. Deze maatregel geldt voor ongelijke verdelingen die op of na 16 september 2025 zijn overeengekomen. Tot slot indexeert de wetgever de tariefschijven in de erf en schenkbelasting. Hij verhoogt de eerste tariefschijf, zoals blijkt uit de Sleuteltabel 2026 van de Rijksoverheid. Over verdere aanpassingen van vrijstellingen of tarieven bestaat nog geen duidelijkheid.

Conclusie

De vele veranderingen in het erfrecht maken het niet altijd gemakkelijker voor de erfgenaam om een nalatenschap op een goede wijze af te ronden. Mocht u in het kader van het afwikkelen van een nalatenschap vragen of opmerkingen hebben, schroom dan niet om vrijblijvend contact op te nemen met een van onze erfrechtadvocaten. Verder lezen? Lees ons artikel over wanneer de vereffening van de nalatenschap verplicht is en wat nu echt het verschil is tussen de vereffenaar en de executeur.