Kifid: ook vrije advocaatkeuze als het niet tot een rechtszaak komt

Wanneer een beroep wordt gedaan op de rechtsbijstandverzekering, zal doorgaans een rechtshulpverlener van de verzekeraar zelf de verzekerde juridisch bijstaan. In sommige gevallen heeft een verzekerde echter het recht om zelf een rechtshulpverlener te kiezen, namelijk op het moment dat er een gerechtelijke of een administratieve procedure moet worden gestart. Dit heet de Vrije Keuze Rechtshulpverlener (VKR), in de volksmond ook wel vrije advocaatkeuze genoemd.

In een recente uitspraak van de Geschillencommissie van het Klachteninstituut Financiële Dienstverlening (Kifid) vorderde een verzekerde van DAS Rechtsbijstand een vergoeding voor de gemaakte advocaatkosten. Deze verzekerde was als atlete geïnterviewd voor het tijdschrift van de Nederlandse Triatlonbond. Het gepubliceerde artikel stond vol met onwaarheden en foute citaten, met als gevolg reputatieschade en derving van inkomsten voor de atlete. Met verwijzing naar het recht op vrije advocaatkeuze schakelde deze atlete een advocaat in die is gespecialiseerd in sportrecht, om daarmee rectificatie en een schadevergoeding te eisen.

Rechtsbijstandverzekeraar DAS weigerde de advocaatkosten te vergoeden, omdat het niet tot een procedure kwam. Er was sprake van buitengerechtelijke werkzaamheden, waarvoor het recht op vrije advocaatkeuze niet zou gelden. De atlete besloot om zich hier niet bij neer te leggen en beklaagde zich bij Kifid.

 

Ruime uitleg ‘gerechtelijke procedure’

De Geschillencommissie van Kifid gaat niet mee in de redenering van de rechtsbijstandverzekeraar en besluit de vordering van de atlete toe te wijzen. Zij ziet in de uitspraak van het Europese Hof van Justitie van 14 mei 2020 in een Belgische zaak voldoende aanknopingspunten om onder een ‘gerechtelijke procedure’ ook het verrichten van buitengerechtelijke werkzaamheden te verstaan. Volgens de Geschillencommissie heeft deze uitspraak van het Hof gevolgen voor de Nederlandse rechtsbijstandverzekeringspraktijk en dus ook voor deze zaak.

Het begrip ‘gerechtelijke procedure’ kan niet worden beperkt door een onderscheid te maken tussen een voorbereidende fase en de besluitfase. In lijn met de uitspraak van het Hof dient dit volgens de Geschillencommissie ruim te worden uitgelegd.  Elke fase die kan leiden tot een procedure bij de rechterlijke instantie, zelfs een voorafgaande fase, valt onder het begrip ‘gerechtelijke procedure’. Dit betekent dat een verzekerde, als er een beroep wordt gedaan op de rechtsbijstandverzekering vanwege een conflict, in elke fase die kan leiden tot een procedure bij een rechterlijke instantie een beroep op de vrije advocaatkeuze toekomt.

Op grond hiervan heeft de atlete in haar geschil met de Nationale Triatlonbond recht op gefinancierde rechtsbijstand en op vrije advocaatkeuze, ondanks het feit dat er geen sprake is geweest van een gerechtelijke procedure. De verzekeraar moet daardoor de redelijke kosten voor de advocaat tot het kostenmaximum van € 5.000,- aan de verzekerde vergoeden.

 

DAS in beroep tegen de uitspraak

Volgens de verzekeraar DAS zal deze verruiming van de vrije advocaatkeuze leiden tot onbetaalbare rechtsbijstandverzekeringen. De verwachting van DAS is dat verzekerden met deze verruiming vaker en eerder een beroep doen op een externe advocaat, die doorgaans (veel) hogere kosten in rekening brengt. Hierdoor raakt het verzekerde bedrag eerder op en blijft er minder geld over om bijvoorbeeld te procederen. DAS heeft dan ook beroep ingesteld tegen de uitspraak bij de Commissie van Beroep Financiële Dienstverlening, die is opgeschort totdat er in dit beroep uitspraak is gedaan. Op dit moment leidt de uitspraak daarom niet tot aanpassingen in de werkwijze van rechtsbijstandverzekeraars.

De Geschillencommissie geeft aan zich te realiseren dat deze uitspraak gevolgen kan hebben voor de uitvoering van rechtsbijstandverzekeringen en dat een verzekerde hiermee het risico loopt dat budgetten al grotendeels zijn verbruikt voor het begin van een daadwerkelijke gerechtelijke procedure. Het is dan ook aan rechtsbijstandverzekeraars en advocaten om verzekerden goed te informeren over zowel de mogelijkheden als de risico’s, zodat verzekerden een weloverwogen beslissing kunnen nemen.

Daarbij merkt de Geschillencommissie aanvullend op dat de vrije advocaatkeuze al telkens is verruimd in eerdere uitspraken van het Europese Hof van Justitie en dat rechtsbijstandverzekeraars in reactie daarop maatregelen hebben genomen om rechtsbijstandverzekeringen betaalbaar te houden. Het is aan de verzekeraar om hier invulling aan te geven. Volgens de Geschillencommissie mag het feit dat de Nederlandse rechtsbijstandverzekering een zogenaamde naturaverzekering is (dat is een verzekering waarbij de verzekeraar in dit geval direct de rekening voor de gemaakte juridische kosten betaalt), niet leiden tot een beperking voor verzekerden om zelf een advocaat te kiezen in geval van een juridisch conflict.

Als deze uitspraak van de Geschillencommissie van Kifid onherroepelijk wordt, kan een verzekerde in principe in elke fase van een conflict aanspraak maken op door de verzekeraar gefinancierde externe rechtshulp. Wij zien de uitkomst van het door DAS ingestelde beroep uiteraard met belangstelling tegemoet en zullen u hier te zijner tijd nader over berichten.

Lonneke van Roekel
Lonneke van Roekel

Lonneke van Roekel

Advocaat

“Ik ga altijd voor het best haalbare resultaat, met aandacht voor de persoonlijke aspecten.”

Categorieën