Herziening NOW-regeling 3 april 2020

De Tijdelijke Noodmaatregel overbrugging voor behoud van werkgelegenheid (NOW) is op 2 april 2020 in werking getreden. Inmiddels is echter gebleken dat er op vier punten technische aanpassingen aan de NOW-regeling nodig waren. De wijzigingsregeling is op 3 april jl. gepubliceerd in de Staatscourant en op 4 april jl. in werking getreden. Wij informeren u hier graag over aangezien deze aanpassingen belangrijke consequenties voor u als werkgever kunnen hebben.

1. Lagere loonsom maart t/m mei 2020 ten opzichte van januari 2020

Wat veel werkgevers zich mogelijk niet realiseren is dat een daling in de loonsom in de berekening van de subsidie grote gevolgen kan hebben. Als de loonsom in de subsidieperiode maart t/m mei 2020 lager uitvalt dan de loonsom van januari 2020, vindt er een correctie plaats met de compensatie. Er moet dan 90% van het verschil tussen de loonsom waarop de tegemoetkoming is gebaseerd en de in de maanden maart t/m mei 2020 daadwerkelijk betaalde loonsom worden terugbetaald. Dit betekent dat u als werkgever substantieel minder subsidie krijgt als de loonkosten zijn gedaald over de aangevraagde subsidieperiode.                                    

Een voorbeeld ter verduidelijking:

  • Een werkgever heeft € 1.000.000 omzet in het jaar 2019.
  • Het referentieloon is: € 100.000 (B) x 3 x 1,3 = € 390.000.
  • De loonsom over de periode maart-mei 2020 is € 240.000.

In dit voorbeeld gaan we ervan uit dat de omzet daalt met 50 %. De subsidie is in dat geval:
0,5 x 0,9 x € 390.000 = € 175.500. Het voorschot bedrag is: 0,8 x € 175.500 = € 140.400

Vervolgens blijkt bij de definitieve vaststelling dat er minder loonkosten zijn gemaakt, namelijk geen € 300.000, maar € 240.000. Stel dat de omzetdaling wel 50 % was.

Het eerste deel van de subsidie wordt vastgesteld zoals verwacht werd: € 175.500 in totaal.

Aangezien de loonkosten in maart t/m mei 2020 lager waren, is de formule van artikel 7 lid 2 van de NOW-regeling van toepassing:

(B x 3 – C) x 1,3 x 0,9 = subsidie verlaging

De vermindering is in dit geval: (€ 100.000 x 3) – € 240.000) x 1,3 x 0,9 = € 70.200

Bij de definitieve vaststelling komt daar in dit voorbeeld een subsidie bedrag uit van € 105.300 (namelijk € 175.500 - € 70.200) en wordt er een bedrag van € 35.100 van de werkgever teruggevorderd (namelijk € 140.400 - € 105.300).

Dit voorbeeld illustreert dat een lagere loonsom in maart t/m mei 2020 negatief kan uitpakken voor een werkgever.

De achtergrond daarvan is om een werkgever op die manier te straffen voor het minder of niet inzetten van de flexibele schil tijdens het subsidietijdvak. Immers, als gevolg van het niet of minder oproepen van flexibele werknemers daalt de loonsom. Ook het besluit om tijdelijke contracten die bijvoorbeeld begin maart, april of mei aflopen, niet te verlengen, betekent een lagere loonsom over die periode.

2. Buitenlands bankrekeningnummer

Het is mogelijk dat het bankrekeningnummer van een werkgever dat gekoppeld is aan het loonheffingennummer, een buitenlands bankrekeningnummer is. Om uitvoeringstechnische redenen is het voor UWV niet mogelijk om een subsidieaanvraag te behandelen waarin een buitenlands bankrekeningnummer is opgegeven. Daarom is er nu geregeld dat werkgevers met een buitenlands bankrekeningnummer binnen vier weken een Nederlands bankrekeningnummer kunnen doorgeven. De subsidie zal vervolgens betaald worden op het Nederlandse bankrekeningnummer.

3. Verlenging vaststellingstermijn subsidie

In de regeling stond dat na een verzoek om vaststelling van de aanvrager de subsidie binnen een termijn van 22 weken wordt vastgesteld. Deze termijn wordt verruimd naar 52 weken. Door een termijn van 52 weken aan te houden bestaat voldoende tijd voor het UWV om een goede controle te verrichten van de verzoeken om vaststelling van de subsidie en de daarbij aangeleverde gegevens.

Voor de meeste aanvragen zal gelden dat de hoogte van de uiteindelijke subsidie goed is vast te stellen op basis van de aan te leveren stukken bij het verzoek tot vaststelling. De vaststelling vindt dan zoveel als mogelijk in de eerste 22 weken plaats. In een aantal gevallen zullen aanvullende controlewerkzaamheden en dus een ruimere termijn voor vaststelling nodig zijn om het verzoek te beoordelen.

4. Bedrijfseconomisch ontslag en meewegen NOW-regeling bij ontslagaanvragen

De berekening van de hoogte van de subsidie in geval van verzoek om toestemming voor bedrijfseconomisch ontslag is aangepast. In artikel 7, dat de hoogte van het definitieve subsidiebedrag regelt, is opgenomen hoe verzoeken voor ontslag wegens bedrijfseconomische redenen doorwerken in het subsidiebedrag. Bij het aanvragen van een NOW-subsidie committeren werkgevers zich eraan zulke verzoeken niet in te dienen. Dienen werkgevers die een NOW-subsidie aanvragen een dergelijk ontslagverzoek toch in, dan leidt dat tot een lager subsidiebedrag.

De sanctie op de verplichting om geen ontslagen op grond van bedrijfseconomische redenen aan te vragen staat sinds de herziening in artikel 7 lid 5 van de NOW-regeling. Daarbij is ook de formule aangepast, deze luidt als volgt:

D x 1,5 x 3 x 1,3 x 0,9

D is de loonsom zoals die ook bij de hoofdformule geldt. De loonsom wordt verminderd met het loon dat een werknemer heeft ontvangen in het gehanteerde aangiftetijdvak, vermenigvuldigd met 1,5, indien de werkgever na 17 maart 2020 een verzoek heeft gedaan om toestemming om de overeenkomst op grond van bedrijfseconomische redenen op te zeggen.

Als u er als werkgever voor kiest om de ontslagaanvragen om bedrijfseconomische redenen door te zetten, dan worden deze ontslagaanvragen wel in behandeling genomen door UWV. Voor ontslagaanvragen die zijn ingediend op of na de datum van inwerkingtreding van de regeling (2 april 2020) geldt dat een werkgever aannemelijk moet maken dat dit ontslag niet kan worden voorkomen door een beroep op de NOW-regeling. Bij de aanvraag moet dus worden uitgelegd waarom de NOW-regeling geen of onvoldoende oplossing biedt om uit de negatieve financiële situatie te komen.

5. Aandachtspunt

Het verdient dus – nu nog meer – aanbeveling om secuur na te gaan en door te rekenen met de nieuwe regels (!) of het aanvragen van de subsidie onder NOW wel nuttig is of dat het wellicht toch effectiever kan zijn om geen NOW subsidie aan te vragen maar ontslagaanvragen in te dienen. Opmerking in dat kader verdient dat bij de beoordeling van de ontslagaanvraag het UWV – zoals dat altijd al het geval was – u kritisch bevraagt of u wel alles heeft gedaan wat mogelijk was om ontslagen te voorkomen. Als u dan geen gebruik heeft willen maken van de NOW-regeling moet u dat dus goed toelichten en voorrekenen!

Als u vragen heeft, aarzel dan niet om contact met ons op te nemen. De advocaten van de sectie arbeidsrecht zijn per e-mail en telefonisch te bereiken voor nader overleg.

Taco van der Dussen (dussen@rassers.nl, 076-5136 107)
Danielle Muller (muller@rassers.nl, 076-5136 104)
Simone Oosterbeek (oosterbeek@rassers.nl, 06-24100210)
Isabel Wetzels (wetzels@rassers.nl, 076-5136 191)
Bram Rothuizen (rothuizen@rassers.nl, 076-5136 123)
Jolien Macken (macken@rassers.nl, 076-5136 192)
Lonneke van Roekel (roekel@rassers.nl, 06-15583759)

Lonneke van Roekel
Lonneke van Roekel

Lonneke van Roekel

Advocaat

“Ik ga altijd voor het best haalbare resultaat, met aandacht voor de persoonlijke aspecten.”

Categorieën