Effectiviteit wettelijke geschillenregeling wordt mogelijk verbeterd

Inleiding

De wettelijke geschillenregeling biedt een aandeelhouder de mogelijkheid om onder bepaalde omstandigheden uit de vennootschap te treden of een andere aandeelhouder uit te stoten. Deze regeling biedt op papier een uitstekend middel in het geval van een aandeelhoudersgeschil. In de praktijk blijkt echter dat rechtbanken over het algemeen erg terughoudend zijn in de toepassing van de wettelijke geschillenregeling. Uit een brief van Minister voor Rechtsbescherming Sander Dekker, in het kader van de voortgang van de modernisering van het ondernemingsrecht, blijkt dat de Minister van mening is dat de effectiviteit van de geschillenregeling verder kan worden verbeterd.  

Wettelijke geschillenregeling

In het kader van de flexibilisering van het B.V.-recht in 2012 is de wettelijke geschillenregeling aangepast en uitgebreid. Het doel van deze aanpassing was om de geschillenregeling aantrekkelijker te maken. De huidige wettelijke geschillenregeling ziet er in het kort als volgt uit.

Op grond van de wettelijke uittredingsregeling kan een aandeelhouder, die door gedragingen van één of meer medeaandeelhouders zodanig in zijn rechten of belangen is geschaad dat het voorduren van zijn aandeelhouderschap in redelijkheid niet meer van hem kan worden gevergd, vorderen dat die medeaandeelhouder zijn aandelen overneemt. Deze open norm moet worden ingevuld met de feiten en omstandigheden van het geval. Indien aannemelijk is dat de gedragingen van de medeaandeelhouder(s) tot een waardevermindering van de over te dragen aandelen hebben geleid en dit niet of niet volledig voor rekening van de eisende aandeelhouder behoort te blijven, kan de rechter desgevorderd een billijke verhoging toewijzen. Indien de aandeelhouders het eens zijn over het overnemen van de aandelen, maar niet over de koopsom van deze aandelen, dan kunnen zij gebruiken maken van de zogenoemde flitsuittreding. Die procedure staat dan alleen in het teken van prijsbepaling van de over te dragen aandelen.

De wet kent ook de zogenoemde uitstotingsregeling. Als een aandeelhouder (alleen of met één of meer andere aandeelhouders) tenminste één derde van het geplaatste kapitaal verschaft, kan hij vorderen dat een medeaandeelhouder, die door zijn gedragingen het belang van de vennootschap zodanig schaadt of heeft geschaad dat het voortduren van zijn aandeelhouderschap in redelijkheid niet kan worden geduld, zijn aandelen overdraagt. Of deze vordering door de rechter wordt toegewezen, hangt af van de feiten en omstandigheden van het geval.

Uitkomsten expertbijeenkomst

In een expertbijeenkomst in het kader van de evaluatie van de voortgang van de modernisering van het ondernemingsrecht, is gesproken over de effectiviteit van de aangepaste en uitgebreide wettelijke geschillenregeling. De deelnemers aan deze bijeenkomst meenden dat deze regeling op dit moment niet effectief functioneert en dat de regeling moet worden aangepast aan de huidige tijd. Volgens de deelnemers aan de expertbijeenkomst zijn de rechtbanken in het algemeen te terughoudend, zodat uittreding of uitstoting van aandeelhouders in de praktijk niet mogelijk is.

Een deel van de deelnemers vindt dat de procedure bij de Ondernemingskamer zou moeten worden ondergebracht, al dan niet in een regeling waarbij de enquêteprocedure en de geschillenregeling in elkaar worden geschoven. Dit zou de Ondernemingskamer meer mogelijkheden geven de voorzieningen uit de geschillenregeling te gebruiken in een enquête. Andere suggesties om de procedure effectiever te maken zijn het aanwijzen van de Ondernemingskamer als eerste en enige instantie en het introduceren van het criterium “duurzame ontwrichting” om de uittreding van aandeelhouders te vergemakkelijken.  

Standpunt Minister

In zijn brief van 20 december 2018 laat de Minister aan de Tweede Kamer weten dat hij, gelet op de uitkomsten van de expertbijeenkomst, van mening is dat de effectiviteit van de geschillenregeling verder kan worden verbeterd. Dit kan volgens hem in samenhang worden bezien met een eventuele aanpassing in de toegang van de enquêteprocedure.

Slot

Alhoewel op dit moment nog niet duidelijk is op welke wijze de Minister de effectiviteit van de wettelijke geschillenregeling wenst te verbeteren, is naar mijn mening al een stap in de goede richting dat wordt benoemd dat die effectiviteit op dit moment ontbreekt en dat duidelijk is gemaakt dat uittreding of uitstoting van aandeelhouders in de praktijk inderdaad (vrijwel) niet mogelijk is. Ook kan worden ondersteund het voorstel om de Ondernemingskamer aan te wijzen als eerste en enige instantie voor dergelijke vorderingen en het introduceren van het criterium “duurzame ontwrichting” om de uittreding van aandeelhouders te vergemakkelijken. Het is nu afwachten of, en zo ja op welke wijze, de effectiviteit van de wettelijke geschillenregeling wordt verbeterd.

Mocht u naar aanleiding van dit artikel vragen hebben, neem dan gerust contact op met advocaat ondernemingsrecht Philip Vroegrijk van Rassers Advocaten, op 06-25695963 of vroegrijk@rassers.nl.

Philip Vroegrijk
Philip Vroegrijk

Philip Vroegrijk

Advocaat

“Juridische kennis en analytisch vermogen zijn onmisbaar voor een advocaat. Maar het verschil maak je door strategisch en tactisch slim op te treden.”

Categorieën