Werkgever let op: waarschuwingsplicht bij wijziging pensioenregeling en waardeoverdracht

19 sep 2017

Het Gerechtshof Den Haag heeft op 9 februari 2016 een belangrijk arrest gewezen over een wijziging van de pensioenregeling door de werkgever, waarbij ook waardeoverdracht heeft plaatsgevonden. Dit arrest is door de Hoge Raad op 15 september jl. in stand gelaten.  


Feiten

Drie ex-werknemers hebben een procedure aanhangig gemaakt tegen hun voormalig werkgever, een accountants- en belastingadvieskantoor. Bij aanvang van het dienstverband was er een gematigde eindloonregeling van kracht. Op grond van die regeling zouden de werknemers vanaf hun 65e levensjaar een gegarandeerd ouderdomspensioen krijgen (levenslang), waarvan de hoogte was gebaseerd op het tussen het 55e en 65e  levensjaar gemiddeld verdiende salaris.

 

In 1999 wijzigde de werkgever zijn eindloonregeling naar een beschikbare premieregeling. Aan zijn tussenpersoon en pensioenadviseur heeft de werkgever gevraagd om alle werknemers te informeren over de nieuwe pensioenregeling en om hun vragen hierover te beantwoorden. De werknemers hebben uiteindelijk ingestemd met de nieuwe pensioenregeling, maar ook met de overdracht van hun onder de eindregeling opgebouwde pensioenkapitaal naar de nieuwe pensioenregeling.

 

Ondanks deze instemming hebben drie werknemers de werkgever aansprakelijk gesteld voor de door hen geleden schade als gevolg van de overstap naar de beschikbare premieregeling. Ze waren het (achteraf gezien) toch niet eens met de wijziging van de pensioenregeling. Volgens deze werknemers zou er onvoldoende informatie zijn verstrekt over de gevolgen voor het nog op te bouwen pensioen, waren voorbeeldberekeningen te optimistisch weergegeven en was hen niet duidelijk dat door de waardeoverdracht hun gehele pensioenvermogen kwam bloot te staan aan bijvoorbeeld langleven- en beleggingsrisico’s.

 

Oordeel hof

Volgens het hof schendt de werkgever zijn informatieplicht, die uit het goed werkgeverschap voortvloeit (artikel 7:611 BW), op één onderdeel, namelijk voor wat betreft de informatie over waardeoverdracht van in het verleden opgebouwde pensioenaanspraken naar de nieuwe pensioenregeling. Het hof neemt tot uitgangspunt dat de werkgever (a) dient te voorkomen dat de werknemer onder invloed van een onjuiste voorstelling van zaken instemt met een wijziging van een zijn pensioenregeling door (b) voldoende informatie te verstrekken en (c) al datgene te doen wat overigens redelijkerwijs van hem kan worden gevergd waaronder (d) het onder omstandigheden waarschuwingen voor risico’s verbonden aan de wijziging.

 

Met een overdracht van opgebouwde pensioenen naar de nieuwe pensioenregeling zetten de werknemers, volgens het hof, “hun volledige pensioen op het spel, niet alleen hun toekomstige pensioenopbouw”. De werkgever had de werknemers om die reden moeten waarschuwen dat het gehele pensioen als gevolg van de waardeoverdracht in de risicodragende sfeer terecht zou komen. Daar kwam nog bij dat de gehanteerde voorbeeldberekeningen geen volledig beeld gaven van het verschil tussen wel en geen waardeoverdracht.

 

Cassatie

Werkgever is in cassatie bij de Hoge Raad opgekomen tegen dit oordeel van het hof. Volgens de werkgever heeft het hof – kort samengevat – een te vergaande zorgplicht op werkgever gelegd, met name omdat de werknemers geacht werden de risico’s te hebben begrepen en geweten.

 

Door de Hoge Raad is dit cassatieberoep bij arrest van 15 september 2017 (zonder inhoudelijke motivatie) verworpen, nadat de Advocaat-Generaal al eerder concludeerde tot verwerping van het cassatieberoep. In de visie van de Advocaat-Generaal behoorde de werkgever in het kader van de uit het goed werkgeverschap voortvloeiende waarschuwingsplicht, na te gaan of de werknemers zich daadwerkelijk realiseerden dat door de waardeoverdracht de risico’s zouden gelden voor hun pensioen. De waardeoverdracht had namelijk vergaande gevolgen voor het gehele pensioen.

 

Hiermee wordt de lat voor de werkgever hoog gelegd. Zelfs ten aanzien van de werknemers  in kwestie, die de functie van assistent-accountant vervulden en uit hoofde van deze functie te maken hadden met pensioenzaken. Volgens het hof werden de betreffende werknemers hierdoor verondersteld bekend te zijn met risico’s zoals sterfte, rente en beleggingen. Desondanks berust er op de werkgever een waarschuwingsplicht.

 

Conclusie

U bent als werkgever niet alleen verplicht om de werknemers volledig en heel goed te informeren over de wijziging van de pensioenregeling, maar ook om te waarschuwen voor de gevolgen van een eventuele waardeoverdracht. Er moet gewezen worden op de concrete risico’s. In deze zaak zit de werkgever overigens beperkt op de blaren, omdat de werkgever zijn pensioenadviseur in vrijwaring had opgeroepen en deze pensioenadviseur door het hof verantwoordelijk is gehouden voor de onvolledige informatie inzake de waardeoverdracht. De schade van de werknemers dient daarom door de pensioenadviseur vergoed te worden, maar dat zal niet altijd het geval zijn.

Mocht u nog nadere informatie wensen over dit artikel, dan kunt u contact opnemen met Bram Rothuizen (via 076 5136 123 en rothuizen@rassers.nl), of met Danielle Muller (via 076 5136 104 en muller@rassers.nl).    

 

 

RASSERS ADVOCATEN  •  Sophiastraat 22-28  •  4811 EM Breda  •  T +31 (0)76 513 61 36  •  info@rassers.nl